Categories

Showing posts with label bijgerecht. Show all posts
Showing posts with label bijgerecht. Show all posts

Thursday, October 3, 2013

Salade met geroosterde wortels, geitenkaas en granaatappel


Soms denk ik dat ik het beste een kipcurryblog had kunnen beginnen of nog beter, een blog voor " de maaltijdsalade". Daar staan er inmiddels zóveel van op dit blog! Nou ja, vooruit, één van de salades die mij gelukkig maakt. 





Dit is een maaltijdsalade voor vier personen.

750 gr wortels, geschrapt en in grove stukken
2 el olijfolie
2 tl olijfolie
1 schoongeboende sinaasappel
1 blik (400 gr) kikkererwten, uitgelekt en afgespoeld
enkele takjes munt, fijngehakt
75 gr granaatappelpitten
100 gr zachte geitenkaas
 
Verwarm de oven voor op 190 graden Celsius. 

Meng de wortels met 1 el olijfolie, het komijnzaad, zout en peper. Rasp de schil van de sinaasappel over de wortels en meng het erdoor. Verdeel de wortels over een groot bakblik en rooster ze in het midden van de oven in ca 50 minuten gaar.

Meng de kikkererwten door de wortels en doe alles in een grote schaal. 

Sprenkel de rest van de olijfolie erover. Pers 1 helft van de sinaasappel uit en schenk het sap over de wortels. Meng er de kruiden en granaatappelpitten door en voeg zout en peper naar smaak toe.

Verkruimel de geitenkaas erover. 

Tuesday, May 14, 2013

Daslooksoep



Het afgelopen weekend brachten we door in een heel mooi huis met een geweldige tuin in Berg en Terblijt, in de buurt van Maastricht. We logeerden in het huis van de ouders van hele goede vrienden. Na een paar dagen in een minder stedelijke omgeving mét een grote prachtige tuin vraag ik me altijd af waarom ik toch zo graag in Amsterdam wil wonen. Ik smelt wanneer ik mijn dochter met takjes in de weer zie. Ik bleef er bijna in van ontroering toen ik haar tussen de daslook zag dartelen.


In de hele fijne woonkeuken van het huis lag een boekje met recepten voor daslook. Daslook is namelijk niet alleen een mooie plant: het is ook een hele smakelijke plant!
In het receptenboekje stond dat de daslook nóg lekkerder is voordat hij begint met bloeien. Ik kan u echter verzekeren dat bloeiende daslook ook heel lekker is. De bloemetjes gebruikte ik om mijn daslooksoep te garneren. De overgebleven bloemetjes staan nu in een vaasje.

Toen ik mijn moeder - een echte stadse - vertelde dat ik haar kleindochter daslooksoep aan het voeren was schrok ze enorm. Ze is bang dat ik mijn dochter vergiftig met al die rare fratsen. Groente koop je immers in de winkel of op de markt: die pluk je niet zelf. Ze was bang dat ik haar misschien een giftige plant zou voeren. Helemaal gek is dat niet: je moet daslook niet verwarren met het lelietje-van-dalen! 

Wat ik heel verrassend vond aan de daslooksoep is dat hij bijna romig was, zonder dat er slagroom aan de soep was toegevoegd. Het zijn de zijdezachte daslookblaadjes die voor die fluweelachtige structuur zorgen. De soep is zó klaar en het is genoeg voor vier kommen.

1 sjalot
1 el boter
1 grote aardappel (geschild en geraspt)
500 ml groentebouillon
3 el droge witte wijn
80 gr daslookblaadjes
zout en peper
daslookbloemen om te garneren

Pel de sjalot en snijd in kleine stukjes. Fruit deze glazig in een eetlepel boter. Schil en rasp de aardappel, voeg hem toe. Giet hier de bouillon en wijn bij en laat dit vijftien minuten pruttelen.

Was de daslookblaadjes, dep ze droog, hak ze grof en doe ze in de pan. Laat ze al roerend even warm worden. Pureer de soep met een staafmixer en breng op smaak met zout en peper. Garneer de soep met daslookbloemetjes.




Monday, March 4, 2013

Speltsalade met pompoen en venkel



De afgelopen weken heb ik veel nagedacht over mijn blogs. Met name http://evaverwondert.blogspot.nl/  bezorgt mij kopzorgen. Sinds ik weer in Nederland woon verwonder ik me minder. Hoewel het mij een raadsel is waarom er wateroplosbare folie om vaatwastabletten zit of waarom HG’s oplossing tegen zilvervisjes in zo’n grote fles verkocht wordt. Volgens de reclame heb je na één keer gebruiken van het wonderspul “nooit meer last van zilvervisjes”: wat moet ik dan in vredesnaam met de rest van die fles? De hele wereld zilvervisjesvrij maken? Ik erger me bovendien groen en geel aan al die mensen die “helemaal leuk" en "helemaal top(pie)" zeggen. “Spijkerbroekje, bloesje erin, hakjes”: “helemaal leuk!” 

Vannacht schrok ik wakker. Mijn blog van gisteren http://evakooktover.blogspot.nl/search?q=pannenkoeken bevatte het werkwoord “versnaperen”. Ik weet niet hoe ik daarop ben gekomen. Volgens mij bestaat het woord niet en ik bedoelde “vergapen” maar in zekere zin bedoelde ik ook “versnaperen”. Wat ik namelijk bedoelde uit te drukken was het plezier in het kijken naar schoonheid en de gelukzalige anticipatie/de belofte dat je misschien zelf ooit ook zo mooi zou kunnen wonen. Het kijken naar mooie dingen als het eten van een stuk chocolade of een andere lekkere versnapering.

Samenvattend komt het hier op neer: ik schrijf minder maar kook meer, ben liever blij dan cynisch maar beste lezer, verlaat mij niet! Mocht er echt een dringende behoefte aan ergernissen ontstaan dan kan ik altijd zien wat ik kan doen. Zolang Emile Ratelband zich met zijn dikke lijf in een skipak hijst voor programma’s als “Vliegende Hollanders” en dan niet van de schans durft te springen heb ik altijd materiaal. Geloof me.

Voor vandaag een salade met spelt.

Het recept komt uit "Veg!":

1 kleine flespompoen, in kleine blokjes gesneden
4-5 el olijfolie
2-3 venkelknollen, in grove stukken (bewaar het groen als dat eraan zit)
1 teentje knoflook, fijngehakt
50 gr walnoten
200 gr spelt (te koop bij de natuurwinkel)
sap van een halve citroen
20 gr harde geitenkaas of Parmezaanse kaas, geraspt, plus wat extra voor erbij
klein handje peterselie
zeezout en versgemalen peper

Verwarm de oven voor op 190 graden Celsius. Doe de stukken pompoen over in een grote braadslede. 

Sprenkel er 2 el olijfolie over en breng goed op smaak met zout en peper. Roer even door, zodat de pompoen met de olie bedekt is.

Zet in de oven. Snijd ondertussen de venkel en voeg de venkel en het teentje knoflook na vijftien minuten toe. Roer even door met een extra eetlepel olijfolie. Laat twintig minuten in de oven staan (bij mij duurde dit overigens bijna veertig minuten) tot de groente zacht is en aan de randen begint te karamelliseren. 

Strooi de walnoten erover en zet nog ongeveer tien minuten in de oven. De noten moeten dan licht geroosterd en geurend zijn. Als je de salade warm wilt eten (JA, veeeeeel lekkerder!) kun je de groente direct uit de oven door de spelt roeren.

Kook de spelt terwijl de groenten in de oven staan in ruim en goed gezouten water tot het gaar is maar nog wel bijt heeft. Bij spelt duurt dat, in mijn optiek, vijfentwintig minuten. Giet af en laat wat afkoelen. Roer de gebakken groenten, walnoten en olie uit de braadslede erdoor, de rest van de olie, het citroensap, de kaas, peterselie en het venkelgroen. Breng op smaak met zout en peper en schaaf er wat extra kaas over.

Tuesday, February 12, 2013

Daube d’ Eva en pastinaakpuree


Gisteravond kookte ik een heel lekker hapje. Zomaar, uit het blote hoofd. Beetje knutselen in de keuken. Vast geïnspireerd geraakt door Masterchef. Bent U ook zo’n fan van Masterchef? Elke avond kijk ik ademloos toe hoe de kandidaten in vijf minuten tijd boodschappen doen in “the pantry” om dan vervolgens binnen drie kwartier een subliem gerecht voor te zetten aan de jury. Hun mystery box bevat rustig een zee-egel of levende garnalen maar zij gaan onverschrokken te werk. De fantasie van de kandidaten is werkelijk adembenemend. Ik denk dat Becky gaat winnen maar ik heb ook wel een zwak voor Monti (Carlo, zo heet ze echt!). Monti draagt namelijk een hele mooie kleur lippenstift, heeft een leuke haardracht én maakt ook nog eens een hele lekkere soufflé. En dat kan lang niet iedereen zeggen.

Zo vindingrijk als bij Masterchef is mijn gerecht niet maar het was wel heel lekker. En bovendien zie ik die kandidaten nóóit koken met een huilende baby hangend aan hun been. Dan toch liever een gillende Gordon Ramsay.

Wat ik deed was het volgende. Ik kocht 250 gram bio rundvlees (hachee/goulashvlees), sneed dat in blokken en marineerde dat in een glas rode wijn, een takje tijm, een laurierblad, twee tenen knoflook en een in tweeën gedeeld ui. Ik dekte het vlees af met wat plasticfolie en zette het in de koelkast. Toen ging ik bellen met mijn beste vriendin, stofzuigen, heel veel boterhammen met kaas en vegetarisch gebraden gehakt eten en toen ging ik verder met koken.

Ik haalde het vlees uit de koelkast, bewaarde de wijn met de kruiden en depte het vlees enigszins droog. Toen deed ik een flinke lik boter in mijn Creuset-pan. Ik bakte het vlees rondom bruin, haalde het vlees uit de pan en bakte een uitje en knoflook aan. Vervolgens voegde ik wat in reepjes gesneden bacon toe en een in grove stukken gesneden winterwortel. Vervolgens ging het vlees terug in de pan, zette ik het vuur wat lager en deed ik er schep bloem bij. Ik mengde alles goed door elkaar en bracht het op smaak met zout en peper. Vervolgens goot ik de wijn met de kruiden (de tijm en het laurierblad) in de pan, samen met een kop runderbouillon. Ik schilde twee pastinaken en een meiknol, sneed ze in grove stukken en voegde ze aan het stoofpotje toe. Op laag vuur stoofde ik het vlees en de groenten in twee uur gaar. Twintig minuten voor het opdienen schilde ik een bodempje aardappelen (klein kilootje) en dat bracht ik aan de kook. Toen de aardappelen gaar waren en afgegoten, voegde ik de bij het vlees gegaarde groenten aan de pan met aardappelen toe. Dit werd een stamppotje van aardappel, pastinaak, meiknol en winterwortel. Ik maakte de puree smeuiig met een schepje jus. En zo zaten wij, praktisch met bord op schoot, naar Masterchef te kijken!

Ps: dochter (vandaag precies dertien maanden) vond de stamppot heerlijk!  

Monday, December 10, 2012

Opgerold feta en knoflookbrood met radicchio en munt



Ik ben dol op brood bakken. Niet alleen de geur in huis maakt het de moeite waard. Het is ook heerlijk ontspannend om deeg te kneden. Helemaal wanneer het deeg al een uur heeft staan rijzen. Wanneer je er dan voor het eerst met je handen doorheen gaat, is het zo heerlijk fluffy. Nu ben ik ook nog eens een fan van radicchio. Ooit zelfs fan geweest van een facebookpagina gewijd aan radicchio. Dit brood uit het kookboek van Yvette van Boven moest dus meteen worden getest en is zalig bevonden. De volgende keer doe ik er wel een klein beetje meer feta in (ik denk 100 gram in de plaats van 75 gram).

Hier komt’ ie:
Voor het brood
1 zakje gedroogde gist (7 gram)
300 ml lauwwarme melk
1 el suiker
3 el olijfolie, plus wat extra voor het invetten
500 gr bloem
flinke snuf zout

voor de vulling
200 gr boter, op kamertemperatuur
2 teentjes knoflook, fijngehakt
3 el munt, fijngesneden
zwarte peper uit de molen en misschien een snuf zout
een fikse hand radicchio, schoon en in repen gesneden
75 (of 100) gram fijn verkruimelde feta

Maak eerst het deeg.
Los in een kan de gist op in de warme melk (kan heel goed met lactosevrije melk) met de suiker en de olijfolie. Vermeng de bloem met het zout en giet al knedend de lauwwarme vloeistof erbij. Let goed op dat alle gist meekomt!
Misschien moet U iets bloem toevoegen, maar kneed lekker door tot het een soepele en zachte bal is die niet meer plakt. (noot: dit duurt best even). Leg hem in een kom en dek af met een velletje plasticfolie. Laat 1 uur rijzen.


Maak de vulling.
Klop de boter met een mixer lekker romig. Voeg de knoflook, munt en peper toe en klop tot alles goed is vermengd. Maal er misschien wat zout door, naar smaak. Feta is ook zout, dus pas op. Laat dit ook afgedekt staan tot gebruik.
Blancheer de radicchio 2 seconden in kokend water en laat hem uitlekken in een zeef. Hak hem dan fijner.




Verwarm de oven voor op 180 graden. Vet 1 ovenschaal of springvorm met opstaande rand in met wat olijfolie. Kneed het deeg nog een keer (ZALIG!), vorm er een rechthoek van en rol het op een bebloemd aanrecht uit tot een langwerpige lap van zeg 40 bij 50 cm. besmeer het deeg royal met de zachte knoflookboter, maar houd ¼ van het mengsel over voor straks. Bestrooi de boter met de feta. Rol het deeg op en wikkel het in plasticfolie. Leg de rol 15 minuten in de vriezer om wat op te stijven, zodat het snijden straks makkelijker gaat. Smelt de achtergehouden boter in een pannetje op het fornuis en draai dan het vuur uit.Snijd de rol in schijven van 3-4 cm dik. Schik ze naast elkaar in de beboterde vorm. Ze mogen lekker dicht tegen elkaar aan zitten. (Helaas was mijn schaal wel erg klein en piepten een paar van de rollen wel heel hoog boven de rest uit) Besmeer ze met de gesmolten knoflookboter en laat de broden nog 15 minuten staan. Bak ze daarna in 30 minuten goudbruin.


Wednesday, July 11, 2012

Nectarine en tomatensalade met basilicumolie


Dit recept komt uit “Vegetarian” van Alice Hart. De combinatie van nectarines en tomaten is verrukkelijk. Serveer deze salade op een grote platte schaal. Deze salade was onderdeel van de lunch die ik zaterdagmiddag met mijn schoonzusje organiseerde naar aanleiding van de verjaardag van mijn schoonmoeder. In de komende week zal ik nog een recept van deze lunch met U delen.



4 rijpe nectarines
12 tomaten (wanneer U geluk heeft kunt U verschillende kleuren tomaten kopen: ik kon dit keer slechts groen-rood gestreepte, oranje en “gewone” pomodori vinden)
paar druppels citroensap
2 el olijfolie
zeezout en peper
2 bollen buffelmozzarella
12 blaadjes basilicum, gescheurd
2 el basilicumolie (recept volgt)
balsamicoazijn

Basilicumolie:

In de keukenmachine stopt U: 3 bossen basilicum (natuurlijk alleen de blaadjes), 1 gepelde teen knoflook, zeezout en peper. Terwijl de motor draait giet U er 200 ml olijfolie bij. Ik had voor de eerste keer het genoegen om een keukenmachine te gebruiken (te leen). Wat gaat het dan snel en gemakkelijk! U kunt natuurlijk ook de knoflook kneuzen in een vijzel met olijfolie en zeezout en peper, de basilicum in kleine stukjes snijden en alles in een vijzel fijnmaken. Een keukenmachine is echter ideaal. Ik hoop dat ik er binnenkort één krijg (!?). Dat zou wel handig zijn: Cato wordt morgen een half jaar en we gaan zo langzamerhand beginnen met babyhapjes! U begrijpt dat ik mij hier bijzonder op verheug? 

Cato in een jurkje dat ik als baby droeg


Salade:
Snijd de nectarines doormidden, verwijder de pit en snijd iedere helft in drieën.

Halveer de tomaten en snijd ze in gelijke stukken.

Leg alles op een platte schaal en besprenkel met citroensap.

Sprenkel er de 2 el olijfolie over en breng op smaak met zout en peper.

Scheur de mozzarella in stukken en leg de stukken tussen de nectarines en tomaten.

Lepel wat basilicumolie tussen de laagjes en naar smaak af en toe wat zout en peper.

Tot slot besprenkelt U de salade met een klein beetje balsamicoazijn.

Monday, June 4, 2012

Sesam geroosterde sugar snaps

Echtgenoot en ik aten de afgelopen week sugar snaps (snap peas) die een half uur eerder geplukt waren. Knapperig, fris en romig: niet te versmaden. We aten ze rauw. De supermarktversie van peulen of sugar snaps zou ik nooit rauw willen eten. 
Wikipedia stelt dat snap peas peultjes zijn maar de Nederlandse peultjes zijn veel dunner dan deze snap peas. Ik zou voor onderstaand recept dus sugar snaps adviseren. Als U toch peultjes gebruikt dan moet de oventijd fors naar beneden. 
Voor vandaag een recept waarbij je de sugar snaps in de oven roostert. Ik verzeker U dat U versteld zult staan van de smaak die de boontjes door het roosteren krijgen. 

zoveel sugar snaps als je wilt
grof zeezout en peper
sesamolie
zwarte sesamzaadjes


Verwarm de oven voor op 245 graden Celsius (475 F). 

Maak de sugar snaps schoon (puntjes en draden verwijderen). Meng de sugar snaps in een kom met sesamolie, grof zeezout en peper. Alle boontjes moeten bedekt zijn met een dun laagje sesamolie. 

Stort de boontjes uit over een bakblik en rooster ze in vijftien minuten gaar. Ze mogen nog best een beetje knapperig zijn. 

Sprenkel er wat sesamzaadjes, liefst de zwarte, overheen. 

Tuesday, May 15, 2012

Dadel-notenbrood


Dit brood komt uit het kookboek “Good to the Grain” van Kim Boyce. In het kookboek staan alleen maar recepten met verschillende graansoorten of op graangelijkende soorten (teff, volkoren, rogge, maismeel, quinoa, spelt, barley, kamut, amaranth). Hier zijn alle soorten meel vrijwel overal verkrijgbaar. Ik hoop dat de meeste van die graansoorten in de Nederlandse natuurvoedingswinkels ook wel te koop zijn. Dit brood bestaat uit teffbloem, whole-grain pastry flour en gewone all-purpose flour (bloem). Voor de whole-grain pastry flour kun je tarwemeel gebruiken. Teff is zeker in Nederland te koop alleen waarschijnlijk niet bij de “normale” supermarkten. Ik heb mijn brood in een cakevorm gebakken.

Dit brood is ongelooflijk lekker bij een kaasplankje of met een flinke lik roomboter.

Wat je nodig hebt:

boter om de cakevorm in te kwasten
150 gram gehalveerde pecannoten
2 el olijfolie
½ tl zout
8 grote (Medjool) dadels, gehalveerd en ontpit

het droge mengsel:
100 gram bloem
150 gram whole-grain pastry flour (tarwemeel)
50 gram teff
1 el bakpoeder
2 tl vers geraspte nootmuskaat
1 tl zout

het natte mengsel:
100 gram koude ongezouten boter
50 gram suiker
2 eieren
4 eetlepels honing
5 eetlepels yoghurt

1. Verwarm de oven voor op 175 graden Celsius. Meng de pecannoten met de olijfolie en een beetje zout en spreid ze uit over een bakblik. Rooster de pecannoten in het midden van de oven totdat ze goudbruin zijn (12 tot 15 minuten). Zet de pecannoten apart om te laten afkoelen maar laat de oven aanstaan.


2. In de tussentijd breng je 100 ml water aan de kook en dat gekookte water giet je over de dadels. Laat de dadels zacht worden terwijl je verder gaat met de volgende stappen.



3. Kwast een cakevorm of broodpan in met boter.

4. Zeef de droge ingrediënten een grote kom in en zet apart.




5. Doe de boter en suiker in een kom en mix met een elektrische mixer of een keukenapparaat totdat het crèmeachtig en licht van kleur is. Met zo’n ingenieus keukenapparaat waar je een mixer in kunt zetten is dat binnen drie minuten gebeurd. Met een elektrische mixer duurt het wat langer maar dat werkt ook.

6. Met een staafmixer of foodprocessor maak je de dadels met het weekwater zacht. Ik gebruikte zelf een staafmixer en besloot de dadels niet helemaal te pureren. Dat ging ook niet met die rot staafmixer die ik heb! Schraap de dadels naar een middelgrote kom. Voeg de eieren, honing en de yoghurt aan het dadelmengsel toe en klop totdat alles goed door elkaar gemengd is.

7. Meng de helft van het dadelmengsel door de kom met de boter en suiker op lage snelheid totdat het gemengd is. Voeg dan de helft van de droge ingrediënten toe en meng tot het net gemengd is. Dan de rest van de dadelpuree en de rest van het droge mengsel en mix 1 minuut op hoge snelheid. Schraap met een spatel alles van de randen van de kom en zorg ervoor dat alles goed door elkaar gemengd wordt. Voeg dan de pecannoten toe en roer ze door het beslag.

8. Schep het beslag in de cakevorm en strijk de bovenkant van het brood glad.

9. Bak het brood in het midden van de oven in 70 tot 75 minuten gaar. Wanneer het brood klaar is ruikt het alsof het BIJNA aan het verbranden is. Het brood moet diepbruin zijn. Wanneer je er een breinaald insteekt, moet hij er schoon uitkomen.

10. Haal het brood direct uit de vorm en laat op een rek afkoelen. Laat het brood volledig afkoelen voordat je het gaat snijden. Wanneer je het brood goed verpakt kun je het drie dagen bewaren. 

                       mijn eigen broodje

Friday, May 4, 2012

Rabarbermoes


En toen had ik nog wat stengels rabarber over en daar kookte ik een eenvoudig potje van.

Ik sneed de rabarber in stukken van 1 centimeter en bracht die aan de kook met een paar eetlepels suiker en een paar eetlepels sinaasappelsap. Dit is een gevoelskwestie: je wilt niet dat de moes te dik wordt dus doe voorzichtig met de sinaasappelsap. Je kunt er later altijd nog iets aan toevoegen.

Zet het vuur vervolgens wat zachter en laat de rabarber in twintig minuten dikker worden. Roer af en toe in het pannetje.

De rabarbermoes is lekker als bijgerecht of om op een stuk toast te smeren.

Wednesday, April 18, 2012

Sperziebonensalade met gepekelde rode ui en geroosterde amandelen

Dit is momenteel mijn favoriete salade. De gepekelde ui is een zege. Je kunt dus ui in een salade doen zonder dat je drie dagen daarna nog steeds stinkt naar een haringstal! Je hoeft hem alleen maar een paar uur in azijn, water, suiker en zout te leggen. De ui krijgt hierdoor een veel mildere smaak.

1 pond sperziebonen
½ venkelknol
1 stronk bleekselderij
½ middelgrote rode ui
1 el citroensap
¼ cup (3 el) rode wijnazijn
¼ cup (3 el) water
1 tl suiker
½ el zout
een handvol amandelen
2 el + 2 tl olijfolie

Snijd de venkel, de bleekselderij en de halve ui in zo fijn mogelijke dunne plakken. Meng de venkel met het citroensap om verkleuren te voorkomen.

In een kleine kom meng je de azijn, de suiker, het zout en het water. Doe de ui erbij. Laat de ui nu minstens een uur pekelen. Hoe langer je de ui kunt laten pekelen hoe beter de smaak wordt. Ik heb het natuurlijk over een paar uur.

Breng een grote pan water aan de kook en kook hierin de sperziebonen in vier minuten gaar. Je kunt de sperziebonen in wat ijswater leggen om te voorkomen dat de boontjes nog verder doorgaren. Je kunt de bonen ook onder een koude kraan afspoelen. Kook de bonen dan een minuut korter.

Verwarm een theelepel olijfolie op een middelhoog vuur in een koekenpan. Voeg de amandelen toe en toast ze in drie minuten. Breng de amandelen dan over op een bord en breng ze op smaak met zout en peper. Wanneer de amandelen zijn afgekoeld hak je ze doormidden.

In een grote saladeschaal meng je nu de sperziebonen, de venkel, de rode ui en de bleekselderij door elkaar. Voeg twee eetlepels van het rode wijnazijnmengsel en twee eetlepels olijfolie toe. Breng op smaak met zout en peper. Schroom niet om de hele kom aan rode wijnazijn aan de salade toe te voegen (want dat is heel lekker).

Noot: de gepekelde uien zijn, net als de geroosterde amandelen, ook lekker in een groene salade.

Tuesday, April 3, 2012

Heerlijke venkel uit de oven

Zaterdagavond aten Echtgenoot en ik catfishfilet met venkel naar een recept van Tom Aikens uit “Zilt, het ultieme viskookboek”. Aikens gebruikt scholfilets. Scholfilets worden in Amerika niet verkocht. Althans niet door Whole Foods omdat ze niet in nabijgelegen wateren zwemmen. Het is overigens ook niet verstandig om al te vaak schol te eten. De schol was lange tijd overbevist.

Wist je trouwens dat een schol na de geboorte eerst rechtop zwemt? Na ongeveer zes weken ontwikkelen ze zich tot platvissen. Eén van hun ogen groeit dan naar de rechterkant zodat beide ogen zich rechts bevinden. Dat vind ik zo schattig dat ik niet eens meer schol wil eten. Het grappige is dat ik nu ook helemaal geen recept voor vis wil geven maar voor de venkel die ik erbij at. Die venkel was zo ongelooflijk lekker dat ik het recept graag deel.
Dit onderstaande gerecht kun je uiteraard eten met wat gegrilde vis maar dat hoeft niet. Het is hoe dan ook een zalig bijgerecht.

vier venkelknollen, elk in kwarten gesneden
100 ml olijfolie
1 tl gehakte tijm
1 tl gehakte rozemarijn
2 laurierblaadjes
sap en geraspte schil van 1 citroen
4 teentjes knoflook, ongepeld, in de lengte gehalveerd
¼ theelepel gemengd venkel- en komijnzaad, in een vijzel fijngestampt (eerlijk gezegd vind ik dit dus veel te veel moeite voor zo’n klein beetje! Ik heb gewoon een mespuntje komijnzaad gebruikt)
zeezout en peper

Verwarm de oven voor op 180 graden Celsius en zet er een kleine braadslee in om vast warm te laten worden.

Breng een pan water aan de kook en blancheer de stukken venkel in vijf minuten, tot ze een beetje zacht zijn.

Giet de venkel af en laat de venkel op een stuk keukenpapier uitlekken. Doe de venkel vervolgens in een kom.

Voeg de olijfolie, de kruiden, het sap en de schil van de citroen, de knoflook, de venkel- en komijnzaad en peper en zout aan de kom toe. Meng alles goed. Schep het mengsel in de braadslee en zet die vijftien minuten in de oven tot de venkel goudbruin is. Ik heb de venkel nog twee minuten onder de gril gezet.

Monday, March 26, 2012

Groene linzensoep met bruine boter

Koken heeft een heel andere vorm gekregen sinds ik een grote afleider in klein formaat thuis heb: mijn tien weken oude dochter. Zij bepaalt wanneer ik tijd heb om te koken en wanneer ik mijn beslag in de kom moet laten liggen, mijn mixers aan de wilgen moet hangen en háár moet voeden. Zaterdagochtend probeerde ik een tarte tatin te bakken met peren en Parmezaanse kaas. Ik had het meel al afgewogen, de tijmblaadjes van de takjes gehaald en was de Parmezaanse kaas aan het schaven toen mijn dochter onbedaarlijk begon te huilen. Uiteindelijk duurde het tot zondagavond tot ik de tarte tatin af had. Op zondagochtend maakte ik het deeg en in plaats van een koeltijd van een half uur, lag het deeg meer dan acht uur in de koelkast. Het spreekt voor zich dat het deeg veel te hard was geworden en ik het eerst moest verwarmen (ik heb het even in de voorverwarmde oven gelegd) voordat ik het kon uitrollen. Het schillen van de peren geschiedde in vier etappes. Eén peer per hazeslaapje. Het koken komt nu dus met extra uitdagingen. Als ik er zo over nadenk, is het leven eigenlijk iets geworden wat tussen de voedingen door gebeurt. Dat klinkt dramatischer dan het is en het deert mij geenszins. Mijn nieuw verworven geluk is zo onmetelijk groot. Ook dit blog kwam in etappes tot stand!



Mijn dochter is, net als ik, een tamelijk hongerig mensje. Aangezien zij veel honger heeft moet ook ik goed eten. Zo houd ik mij althans voor. Elk excuus om te eten is wel aan mij besteed. Aan de andere kant ben ik ijdel genoeg om niet te willen eindigen als iets te dikke moeder in mom jeans met het haar kort geknipt omdat dat “zo lekker makkelijk is”. Ik probeer dus een balans te vinden tussen mijn roomboter-taartjes-chocolade-Franse kaasjes verslaving en mijn liefde voor al wat groeit en bloeit. Ik eet gelukkig heel erg graag groenten en fruit. Fruit graag in een taartje maar ook in de yoghurt. Groenten op elk moment van de dag. Het is dus niet moeilijk om dagelijks een vegetarisch gerecht te bedenken. Mijn naam Eva staat immers voor Ethisch vegetarisch alternatief (zo begrijp ik als ik het Google). De vooronderstelling dat vegetarisch altijd ethisch is lijkt mij onjuist. Pas wanneer je biologisch eet kun je deze claim waarmaken. Of ben ik nu te streng?

Voor vandaag heb ik een linzensoep die ik vrijdagmiddag voor het eerst maakte. Ik at hem voor de lunch maar je kunt hem ook als avondmaaltijd beschouwen wanneer je er nog wat bij maakt. Misschien een lekkere frittata met geitenkaas, spinazie en munt?




2 el ongezouten boter
1 grote ui, gesnipperd
3 tenen knoflook, fijngesneden
½ tl gedroogde rode peper
1.3 liter groentebouillon (1 liter en 300 ml.)
300 gr groene linzen
3 el ongezouten boter
1 el kerriepoeder
125 ml kokosmelk
een mespunt fijn zeezout
eventueel: een bosje bieslook, fijngehakt
extra benodigdheden: een staafmixer

Bak in een grote soeppan de twee eetlepels boter, de ui, de knoflook en de rode peper totdat de ui een beetje zacht begint te worden. Roer regelmatig even in de pan. Dit duurt een paar minuten.

Voeg de bouillon en de linzen toe, en laat, met een deksel op de pan, de soep pruttelen totdat de linzen zacht zijn. Dit duurt gewoonlijk een minuut of dertig maar het kan ook langer duren (soms zelfs vijftig minuten).

In de tussentijd maak je een bruine boter door 3 eetlepels boter te verwarmen in een klein steelpannetje. Laat de boter bruin worden. Wanneer de boter een beetje nootachtig gaat ruiken, voeg je het kerriepoeder toe. Roer nog een minuut door elkaar totdat het lekker begint te geuren.

Wanneer de linzen gaar zijn, haal je de pan van het vuur, roer je er de kokosmelk en een beetje zout door en pureer je de soep met een staafmixer. Je kunt ervoor kiezen de soep helemaal glad te pureren maar ik heb de linzen tamelijk intact gehouden. Roer de helft van de bruine boter door de soep.

Serveer de soep in een kom met wat extra bruine boter en eventueel wat bieslook.

Friday, March 23, 2012

Muffins met brie en snijbiet


Dit is een heerlijk gerecht voor de lunch, als voorafje of voor bij een borrel. Als je mini muffinvormpjes bezit dan kun je uit deze hoeveelheid vierentwintig muffins maken. Met een muffinbakblik van twaalf muffins moet je de baktijd iets verlengen. Mijn bakvorm bestaat uit zes grote vormen en dat is ook in orde. Of je er nu vierentwintig, twaalf of zes bakt: deze muffins zijn heerlijk. Al is het voor een borrel wellicht toch leuker om ze te bakken in minivariant (dus vierentwintig). Je kunt de snijbiet ook vervangen door spinazie. Zorg er wel voor dat je een pittige brie gebruikt.

2 el boter, gesmolten, plus een beetje extra voor het invetten van de bakvorm
3 cups snijbiet (ik gebruikte een grote bos), de stelen en het blad van elkaar gescheiden en gewassen
1 ¼ cups (35 gram) zelfrijzend bakmeel
2 el fijngeraspte Parmezaanse kaas
nootmuskaat, even flink over de schaal raspen
2/3 cup melk (160 ml)
1 klein ei, losgeklopt
2 ½ oz (70 gram) brie of camembert, in blokjes gesneden

Verwarm de oven voor op 190 graden Celsius (375 graden F). Vet de muffinvormpjes in met een beetje boter of gebruik bakpapier. Met een siliconenvorm kun je dit achterwege laten.

Hak de stelen van de snijbiet en stoom in vier minuten gaar, voeg de snijbietbladeren toe en stoom nog een minuut. Breng de snijbiet over in een schone theedoek en knijp al het vocht eruit.

Meng het zelfrijzend bakmeel, 1 eetlepel Parmezaanse kaas, een mespunt zout en wat nootmuskaat in een kom. In een andere kom meng je de melk, de gesmolten boter en het ei. Breng nu het melkmengsel over in de kom met het bakmeel en roer een paar keer door. Voeg nu de gekookte snijbiet en de brie toe. Je hoeft dit niet al te lang te roeren want je wilt niet dat het mengsel taai wordt. Het mengsel mag best een beetje klonterig zijn.

Lepel het mengsel in de vormpjes en besprenkel de muffins met de resterende Parmezaanse kaas. Bak vijftien minuten of totdat ze goudbruin zijn. De baktijd is een beetje afhankelijk van de grootte van de muffin. Je kunt ze warm eten maar ook helemaal af laten koelen.

Monday, March 19, 2012

Zomerse minestrone


Het is weer maandag dus het is Meatless Monday (one day a week, cut out meat). Dat treft, want ik heb zojuist weer een nieuw kookboek gekocht. Dit keer “Vegetarian” van Alice Hart. Dit kookboek trok mijn aandacht omdat ik steeds minder graag vlees eet. En natuurlijk vanwege de mooie foto’s, de lekkere gerechten en omdat ik verslaafd ben aan kookboeken!

Mijn smaak is een beetje aan het veranderen. Dat is begonnen toen ik, tijdens mijn zwangerschap, een stuk kip klaarmaakte. De kip was een gelukkige scharrelkip geweest (dat spreekt voor zich). Ik werd er alleen tijdens het bereiden al een beetje beroerd van. Ik vond dat de kip stonk. Rauwe kippen stinken wanneer ze dood zijn. Vroeger droomde ik dus over steak tartare, bloederige biefstukken en filet américain. Nu droom ik alleen nog maar over filet américain. En sappig pekelvlees op een knapperig wit puntje...Gij ziet, ik ben langzaam aan het transformeren. Voor vandaag een heerlijke soep losjes geïnspireerd op mijn nieuwe vegetarische kookboek. Alice Hart schrijft dat je de slagroom ook weg kunt laten. Ik ben het daar niet mee eens: zonder de slagroom wordt het een groentesoep als elke andere. Mét de slagroom is de soep zijdezacht en verrukkelijk. U kunt de koetjes en schaapjes en kippetjes dus gerust onaangetast in de wei laten staan!


Voor vier personen:
2 el olijfolie
2 tenen knoflook, fijngehakt
2 sjalotjes, fijngehakt
2 stronken bleekselderij, fijngehakt
1 venkel, fijngehakt
1 handvol doperwten
1 handvol sperziebonen
1 half bosje groene asperges, in stukken gesneden
1 liter groentebouillon
een handvol verse munt
1 kopje slagroom
4 el pesto

Verwarm de olijfolie in een grote soeppan en bak de knoflook, sjalotjes, selderij en venkel tot ze zacht zijn. Dit duurt ongeveer tien minuten.

Voeg vervolgens de helft van de doperwten, sperziebonen en asperges toe en kook ze vijf minuten terwijl je roert. Voeg dan de bouillon toe, breng aan de kook en laat de soep vijfentwintig minuten pruttelen.

Voeg vervolgens de andere helft van de groenten toe en kook nog vijf minuten. Haal de soep dan van het vuur en voeg de munt en de slagroom toe. Ik vond dat de soep verder geen zout of peper nodig had.

Dien de soep op met een lepel pesto.

Friday, February 17, 2012

Courgettesoep met tofucroutons


Eerder deze week schreef ik in mijn blog “Valentijnsdag” over mijn nieuwste culinaire obsessie (http://evaverwondert.blogspot.com/): Het kookboek van Heidi Swanson “Super natural every day”. Deze kok uit San Francisco maakt hele lekkere en simpele vegetarische gerechten. Veel ingrediënten die zij in dit kookboek gebruikt zijn typisch voor de gezondheidsbewuste milieuvriendelijke eters die ik ook hier aan de Oostkust veel zie. Sinds ik van Amsterdam naar New Haven ben verhuisd eet ik veel meer quinoa, rolled oats, farro, barley, wheat berries en bulghur. Ik ben gaan bakken met spelt, amandelmeel en volkorenmeel en ben veel meer noten en zaden, gedroogd fruit, linzen en verschillende bonen gaan eten. In vijf minuten maak ik mijn eigen ontbijtmuesli met havervlokken, tarwekiemen, zonnebloempitten, gehakte hazelnoten, walnoten en gedroogde abrikozen, rozijnen en dadels. Ik voeg daar ook gedroogde appelringen aan toe maar ik weet niet of ik U dit wil adviseren. Het lijkt meer een rare persoonlijke obsessie. Al deze producten schep ik uit grote containers in de biologische supermarkt. Het aanbod is geweldig en goedkoop: ooit Chia zaden gegeten? Heus niet alleen geitenwollensokkentypes doen aan dit gebruik. Ik beschouw mezelf in ieder geval niet als een geitenwollensok en Heidi is dat – getuige de foto op de achterflap – ook niet. Toegegeven, het klinkt allemaal vreselijk: tarwekiemen (wheat germs) en havervlokken. Maar het is lekker en gezond en daar gaat het om. U kunt dus gewoon Uw okselhaar blijven afscheren en hoeft echt niet meteen de televisie de deur uit te doen.

Inmiddels heb ik verschillende gerechten uit haar kookboek gemaakt (rye soda bread, white bean spread, a simple pot of beans, broccoli gribiche) en bereidde ik al twee keer deze zalige soep. Wees niet bevreesd, alle ingrediënten zijn ook in Nederland gewoon te koop. Mocht U onverhoopt moeite hebben met het vinden van die kleine gele courgettes dan kunt U ook de groene gebruiken. Aangezien de gele courgettes kleiner zijn zult U dan de hoeveelheid iets moeten aanpassen.
Ik marineerde mijn tofu altijd in sesamolie, knoflook, gember en sojasaus maar kreeg ze nooit knapperig gebakken. Heidi maalt niet om het op smaak brengen van tofu maar schept er slechts een eetlepel olijfolie en wat zout bij en mengt dit alles goed. Daarna bakt ze de blokjes knapperig. Dit lukt alleen wanneer je de pan goed warm maakt en de tofu vijf minuten laat bakken op één kant voordat je de blokjes omdraait en ze in drie tot vier minuten aan de andere kanten goudbruin bakt.


Voor zes personen:
225 gr extra stevige tofu, in blokken van een centimeter
fijn zeezout
1 flinke el rode Thaise curry pasta
3 el olijfolie + iets voor de tofucroutons
3 grote sjalotjes, gehakt
680 gr gele of groene courgettes (ongeveer vijf gele) in twee centimeter grote stukken gesneden
340 gr aardappelen, ongeschild in kleine blokjes
4 tenen knoflook, fijngehakt
475 ml groentebouillon
415 ml kokosmelk

Bereid de tofucroutons zoals hierboven beschreven.

Maak een papje van de rode curry pasta en de olijfolie. Verhit de pasta in een soeppan op middelhoog vuur tot ze begint te geuren, ongeveer een minuut. Voeg dan de sjalotjes toe en bak tot ze zacht zijn. Voeg de courgette en aardappel toe en laat ze enigszins gaar worden. Doe er dan de knoflook, de groentebouillon en de kokosmelk bij en laat zachtjes pruttelen. Breng aan de kook, verlaag dan het vuur en laat pruttelen tot de aardappelen gaar zijn (ongeveer een kwartier).

Proef en breng eventueel op smaak met extra rode currypasta of zout. Dien op met de tofucroutons.

Thursday, December 29, 2011

Bosbessen-granaatappelfizz

Dit drankje maakte ik vorig jaar voor Oud en Nieuw. Het komt uit de Elle eten. Het is een (virgin) cocktail die ook erg lekker is voor de zwangeren, geheelonthouders en, oh horror, degenen die hun goede voornemens al op 31 december zijn begonnen. Je kunt de cocktail namelijk erg goed met nep champagne maken zonder dat dit hindert. De rest van de ingrediënten maakt het gebrek aan alcohol meer dan goed. Er gaat voor mij nog steeds niets boven een goed glas champagne maar soms moet je nu eenmaal roeien met de riemen die je hebt. En deze riemen zijn erg smakelijk!

150 gr bosbessen
2 tl suiker
50 ml water
1 granaatappel
champagne/ nep champagne

Verhit een koekenpan en voeg de bosbessen, de suiker en het water toe. Laat de bessen op middelhoog vuur zacht worden en dan op een bord afkoelen. Maak intussen de pitten voorzichtig los uit de granaatappel. Schep 1 el bosbessen en een paar granaatappelpitten in een champagneflute. Vul het glas met champagne/nep champagne en serveer onmiddellijk.

Tuesday, December 13, 2011

Bieten

Doet U dat ook weleens? Na het eten op internet kijken hoe gezond Uw eten wel niet was? Wanneer ik groente, fruit of één of ander obscuur graan als quinoa (eigenlijk een zaad) eet, dan wordt mijn feestvreugde extra verhoogd bij het lezen van al die gezondheidsbevorderende eigenschappen die ik mezelf heb gegund. Ik vind rode bieten zalig en dat ze dan ook nog allerlei anti-oxidanten bevatten, mijn immuunsysteem bevorderen en als klap op de vuurpijl ook een positieve werking op het zenuwstelsel hebben, maakt het helemaal fijn. Het maakt me dan niet eens meer zoveel uit wat de positieve werking op dat zenuwstelsel precies inhoudt. Waarschijnlijk hebben rode bietjes een gunstig effect op het zenuwstelsel omdat ze kankerbestrijdend zijn of omdat ze aards zijn waardoor we onze zenuwen beter onder controle kunnen houden. Zet de biet ons wellicht met beide benen op de grond? Het zal wel zo’n hele logische uitleg zijn. Een kind kan de was doen. Daar hoef je echt niet al te lang over na te denken.

Het spreekt vanzelf dat ik slechts bij het vermoeden gezond te hebben gegeten, op onderzoek uitga. Ik ben natuurlijk niet zo stom om eerst een cinnamon bun (een hevig gesuikerd wit broodje in een spiraalvorm met heel veel kaneel en een enkele verdwaalde rozijn) te eten en daarna ook nog eens via Wikipedia te vernemen dat teveel suiker niet goed voor de mens is. Ik geniet van de zoetigheden die ik eet en daarmee is het klaar.

Om te voorkomen dat ik zelf op een cinnamon bun ga lijken, mag ik maar één cinnamon bun per week. Afgelopen week heb ik dat voor mezelf een beetje verpest. Ik kon mezelf niet beheersen en had het broodje al op voordat ik thuis was. Klappertandend van de kou liep ik te graaisnoepen uit het zakje. Die ene rozijn waarmee mijn broodje verrijkt was, viel door mijn eigen stomme gulzigheid op de grond. De suiker bungelde onaantrekkelijk aan mijn kin. Tot overmaat van ramp scheurde de onderkant van mijn papieren zak met boodschappen kapot en moest ik mijn aandacht dus verdelen tussen het broodje en de over de straat stuiterende peren. Wat een gedoe en dat terwijl uitgestelde behoeftebevrediging zo heerlijk kan zijn. Nu verwacht U natuurlijk het recept voor cinnamon buns maar die heb ik nog nooit zelf gebakken. Nee, ik geef U een gerecht met bietjes.
Gisteren maakte ik een salade met bieten en couscous die ik erg lekker vond. Ik deel hem met U zodat ook U al die heerlijke gezondheidsvoordelen van de biet kunt ervaren. U heeft misschien wel zin in wat licht verteerbaars alvorens de Christmas pudding en hertenbiefstukken U weer om de oren zullen vliegen. Het recept is afkomstig uit het kookboek “Fresh” van Annabel Langbein. Ik heb de hoeveelheden echter wat aangepast.

3 bietjes, gekookt, en in blokjes van ongeveer 1 cm gesneden. Geen voorgekookte bieten kopen hoor. De voorgekookte biet is net zo treurig als de nepkerstboom die inclusief kerstballen elk jaar weer van zolder wordt gehaald en als een paraplu wordt uitgeklapt. Gun Uzelf nou gewoon die gezellige groene bietenbladeren die uit de boodschappentas pieken. En een echte dennenboom.
2 el olijfolie
370 gr couscous
geraspte schil van 1 citroen
3 bosuitjes, in dunne ringetjes
3 stengels bleekselderij, in dunne plakjes
100 gr feta, verkruimeld
10 g muntblaadjes of korianderblaadjes (ik koos voor koriander)
4 el citroensap
50 gr geschaafde amandelen, geroosterd
4 el pistachenootjes, gehakt

Meng de olijfolie door de bietjes en voeg zout en peper naar smaak toe. Meng in een andere kom de couscous met de geraspte citroenschil, 1 theelepel zout en 500 ml kokend water. Laat 10 minuten staan en roer de couscous dan los met een vork. Meng er de bosui, bleekselderij, feta, munt- of korianderblaadjes en het citroensap door. Schep de couscous in een schaal en strooi er de amandelen, pistachenootjes en de bietjes over.

Wednesday, November 23, 2011

Regenboog snijbiet

Wordt U, zoals ik, ook zo’n blije kerstslinger bij de gedachte aan de naderende feestdagen of voelt U zich eerder, zoals André Hazes ooit zo eloquent verwoordde, een kerstboom zonder piek? Wanneer U uw ergernis aan de kerstdis slechts kunt verbijten door het dessertvorkje onder de tafel in de palm van Uw hand te steken of wanneer er een gelukzaligheid uitgaat van de fantasie Uw schoonzuster aan de feestelijk gedecoreerde kersttafel te lijf te gaan met het mes waarmee de rollade zojuist is aangesneden, dan moet U even verder lezen. Als U bij de naderende feestdagen veeleer denkt aan het inslaan van illegaal vuurwerk, dronken kantoorborrels en kwetsende Sinterklaasgedichten, dan heeft U mijn hulp ook nodig. Zoveel is duidelijk.

Lekker eten maakt alles namelijk goed. Het vervelende gespreksonderwerp over pensioenopbouw wordt bedekt door een dubbelgebakken kaassoufflé, dat irritante neefje dat kaarsvet druppelt op Uw mooie tafellaken verdwijnt als sneeuw bij een witte kerst door een heerlijke Christmas Pudding. Het komt dus allemaal wel weer goed deze dagen.

Gisteren liep ik in de supermarkt. De kerstmuziekjes klonken en de winkel rook naar nootmuskaat en kaneel. Morgen is het Thanksgiving. Een feest dat ik pas sinds een aantal jaren vier. Het is zeer welkom omdat het de kerst iets dichterbij brengt. Bovendien heeft het wel wat om dank te zeggen voor de oogst van dat jaar. We hebben er immers weer lekker van gegeten.

De winkel was volgepakt met pompoenen, kastanjes, spruiten en cranberries. Stapels met appels en pecannoten, een Andy Warholiaanse grote verzameling van blikken pompoenpuree voor de pumpkin pie en uiteraard heel veel kalkoenen en kalkoenbenodigdheden. Met Thanksgiving kom je niet onder kalkoen uit. Dat zij dan maar zo. Ik vind het niet zo’n bijzondere vogel. Een slaapverwekkend vogeltje bovendien. De tryptophan in de kalkoen, een of ander aminozuur met slaapverwekkende kwaliteiten, schijnt ervoor te zorgen dat de eter graag een tukkie doet na de maaltijd. Ik heb menigeen tijdens Thanksgiving in slaap zien vallen. Dat zal eerder te maken hebben gehad met overmatig alcoholgebruik dan met dit tryptophan-goedje dat in veel grotere hoeveelheden in een kip te vinden is. De tryptophan-mythe heeft echter vast menige familievete kunnen verhinderen dus is dat sprookje meer dan welkom. Toch zult U een recept voor kalkoen bij mij niet snel aantreffen. De meesten van U zullen Thanksgiving trouwens ook wel niet vieren. De komende weken zal ik, in aanloop van Sinterklaas, Kerst en Oud en Nieuw feestrecepten plaatsen. Als aftrap een lekker en snel bijgerecht. Snijbiet met mosterdzaad en rijstazijn. Volgende keer weer iets zoets.


Dit is voor twee of drie personen:
1 bos snijbiet
1 el olijfolie
1 fijngesneden sjalotje
1 el hele mosterdzaadjes
zout
2 el rijstazijn

Spoel de snijbiet goed af. Verwijder per blad de harde nerf uit de snijbiet. Snijd de stam van de snijbiet in stukjes van anderhalve centimeter. Snijd het blad van de snijbiet in grove stukken. Houd het blad en de stammetjes gescheiden van elkaar.


Verhit de olie in een hete wijde pan (een wok doet goed dienst) en voeg de stammetjes, het sjalotje en de mosterdzaadjes toe. Bak lekker aan tot het sjalotje een beetje doorzichtig wordt. Voeg dan het snijbietblad toe. Meng alles goed door elkaar, zet het vuur laag, doe de deksel op de pan en laat het blad vijf minuten of ietsjes langer slinken. Proef of de stammetjes gaar zijn. Als dan ook het blad goed is geslonken, dan wordt het tijd de snijbiet op te dienen. Doe de snijbiet in een schaal en besprenkel met de rijstazijn.